De Formule 1-kalender heeft met 24 races per seizoen zijn logistieke en menselijke limiet bereikt, terwijl de vraag van nieuwe landen om een Grand Prix te organiseren onverminderd groot is. McLaren Racing CEO Zak Brown heeft een concrete oplossing voorgesteld om dit dilemma het hoofd te bieden: een kalender met een vaste kern van circuits, aangevuld met een poule van roulerende evenementen. Dit model, dat vanaf 2027 al deels wordt ingevoerd met Spa-Francorchamps en Barcelona, moet de sport in staat stellen te groeien zonder de teams en hun personeel te breken.
De ‘brutale’ grens van 24 races
Met 24 Grands Prix is de huidige kalender voller dan ooit. Volgens Zak Brown is de druk op de teams en medewerkers enorm; hij omschrijft het schema als “pretty brutal”. Hoewel de Concorde Agreement, de overeenkomst tussen de FIA, F1 en de teams, een maximum van 25 races per seizoen toestaat, wordt de grens van 24 alom beschouwd als de realistische capaciteit. Een verdere uitbreiding lijkt onhaalbaar, zowel logistiek als met het oog op het welzijn van de duizenden mensen die de Formule 1-karavaan vormen.
De Formule 1 bevindt zich in een spagaat. Enerzijds is er de wens om de sport naar nieuwe, enthousiaste markten te brengen, anderzijds is er de noodzaak om de werkdruk binnen de perken te houden. De terugkeer van de Grands Prix van Turkije en Portugal voor het komende seizoen onderstreept hoe moeilijk het is om de kalender te beheren en tegelijkertijd ruimte te maken voor nieuwe initiatieven. Elke nieuwe toevoeging betekent dat een bestaand evenement mogelijk moet wijken, wat vaak leidt tot moeilijke keuzes tussen historische circuits en lucratieve nieuwe contracten.
Browns model: 20 vaste circuits, 8 in rotatie
Om deze uitdagingen aan te gaan, lanceerde Brown een specifiek voorstel. Hij ziet een toekomst voor zich met een kalender van 24 races, bestaande uit 20 permanente, jaarlijks terugkerende evenementen. Deze vaste kern zou worden aangevuld met vier races uit een roulerende poule van acht verschillende circuits. In dit model zouden die acht circuits dus om het jaar een Grand Prix organiseren. Dit brengt het totaal elk seizoen op de huidige 24, maar creëert tegelijkertijd ruimte en variatie. Het zou Formule 1 de flexibiliteit geven om zowel gevestigde circuits te behouden als nieuwe markten te verkennen, zonder de grens van 24 races te overschrijden.
Dit systeem biedt meerdere voordelen. Het houdt de kalender dynamisch en interessant voor de fans, geeft organisatoren van roulerende races de tijd om zich voor te bereiden en hun evenement financieel rendabel te maken, en het belangrijkste: het respecteert de menselijke grenzen van de sport. De druk op het reizende personeel zou niet verder toenemen, terwijl de commerciële en sportieve reikwijdte van de Formule 1 wel kan groeien.
Spa en Barcelona geven het voorbeeld
Het idee van roulerende circuits is meer dan alleen een theorie. Vanaf 2027 wordt het principe al in de praktijk gebracht. Het iconische Circuit de Spa-Francorchamps en het Circuit de Barcelona-Catalunya zullen vanaf dat jaar een plek op de kalender delen. De Belgische Grand Prix zal plaatsvinden in de oneven jaren, wat impliceert dat de Spaanse race in de even jaren wordt verreden. Deze overeenkomst is het eerste concrete bewijs dat de Formule 1-leiding serieus kijkt naar een rotatiemodel als een duurzame oplossing voor de toekomst. Het is een pragmatische manier om twee belangrijke, historische Europese races op de kalender te houden in een tijdperk van toenemende mondiale concurrentie.
Nieuwe markten dringen zich op
De druk op de kalender komt voornamelijk door de aanzienlijke interesse van landen die graag een Formule 1-race willen organiseren. Landen als Zuid-Afrika, Zuid-Korea en Thailand staan in de rij en hebben serieuze plannen om toe te treden tot de koningsklasse van de autosport. Voor de Formule 1 is het een luxeprobleem: de populariteit is zo groot dat de vraag het aanbod overstijgt. Het model van roulerende circuits, zoals voorgesteld door Brown en deels al geïmplementeerd, lijkt de meest logische weg voorwaarts. Het biedt een evenwicht tussen het eren van de traditie, het omarmen van nieuwe kansen en het beschermen van de mensen die de sport mogelijk maken.



