Tijdens de Grand Prix van Monaco 2026 heeft McLaren een indrukwekkende mijlpaal bereikt: de 1000ste start in de Formule 1. Deze historische gebeurtenis vond plaats op de plek waar het allemaal begon, precies zestig jaar na het debuut van het team in de straten van het prinsdom. Het is een moment dat de rijke en bewogen geschiedenis van een van de meest iconische namen in de autosport onderstreept.
Een cirkel van zestig jaar in Monaco
Het verhaal van McLaren in de Formule 1 begint en bereikt deze mijlpaal op dezelfde legendarische locatie. In 1966 verscheen Bruce McLaren, die zijn sporen had verdiend bij het team van Cooper, aan de start van de Grand Prix van Monaco met een auto die zijn eigen naam droeg. De oprichter en coureur had een Ford-motor achterin zijn wagen, maar het debuut was van korte duur. Na slechts negen ronden eindigde zijn race door een olielek. Een bescheiden begin, maar de basis voor een toekomstige grootmacht was gelegd.
Zestig jaar later, tijdens de race van 2026, voltooide het team zijn duizendste Grand Prix-start. Deze symbolische cirkel, van een vroege uitvalbeurt tot een van de meest gerespecteerde teams op de grid, toont de veerkracht en het doorzettingsvermogen die de kern vormen van de McLaren-identiteit. Het is een reis die van een eenmansproject uitgroeide tot een wereldwijd bekend raceteam.
De eerste successen en de hand van de meester
Na de moeizame start in Monaco liet het succes niet lang op zich wachten. Nog in datzelfde debuutjaar van 1966 scoorde Bruce McLaren zelf de eerste WK-punten voor zijn team tijdens de Britse Grand Prix. De volgende stap op de ladder naar de top werd in 1968 gezet door Denny Hulme, die in Spanje de eerste podiumplaats voor McLaren veiligstelde. De ultieme bekroning volgde later dat seizoen en het was oprichter Bruce McLaren zelf die voor dit historische moment zorgde.
Op het gevreesde circuit van Spa-Francorchamps reed McLaren vanaf een zesde startplaats naar een dominante overwinning. Het was de eerste van, tot en met de Canadese Grand Prix van 2026, in totaal 203 zeges voor het team uit Woking. Dat de oprichter persoonlijk verantwoordelijk was voor de eerste punten en de eerste overwinning, geeft een extra dimensie aan de vroege geschiedenis van het team.
Tragedie en de eerste wereldtitels
De opmars van het team werd opgeschrikt door een tragedie. In juni 1970 kwam Bruce McLaren om het leven tijdens het testen van een Can-Am sportwagen op het circuit van Goodwood. De drijvende kracht achter het team was plotseling verdwenen. Toch bezweek het team niet. Onder leiding van enkele trouwe vertrouwelingen van Bruce werd zijn levenswerk voortgezet. Deze veerkracht werd vier jaar later op de best denkbare manier beloond.
In 1974 bezorgde de Braziliaanse coureur Emerson Fittipaldi het team zijn allereerste wereldtitels, zowel bij de coureurs als de constructeurs. De ontknoping van het seizoen was zenuwslopend. Fittipaldi begon de laatste race op Watkins Glen met evenveel punten als zijn titelconcurrent Clay Regazzoni. Terwijl Regazzoni problemen kende, finishte Fittipaldi als vierde, wat genoeg was om de kampioenschappen voor McLaren veilig te stellen. Het was de ultieme bevestiging dat het team ook zonder zijn charismatische oprichter kon overleven en winnen op het allerhoogste niveau.



