Button zet zinnen op Le Mans-deelname met Aston Martin
Jenson Button, de Formule 1-wereldkampioen van 2009, heeft zijn ambitie uitgesproken om deel te nemen aan de 24 uur van Le Mans in de Aston Martin Valkyrie. De Brit, die onlangs werd benoemd tot ambassadeur voor het merk, richt zijn vizier op de iconische endurance-race met de hypercar die mede werd ontworpen door meesterontwerper Adrian Newey. Deze wens werd door Button zelf kenbaar gemaakt in zijn column ‘Jenson’s Journal’ op de officiële website van Aston Martin, kort na de Grand Prix van Monaco.
De aankondiging volgt snel op zijn nieuwe rol bij het Britse merk en verbindt zijn passie voor langeafstandsraces direct aan zijn ambassadeurschap. Voor Button zou een deelname met de Valkyrie een terugkeer betekenen naar de hoogste klasse van het endurance-racen, maar dan met een van de meest spraakmakende en technologisch geavanceerde auto’s van het huidige decennium. Het is een duidelijk signaal van de Brit dat hij nog steeds competitieve ambities koestert op het hoogste niveau van de autosport.
De Valkyrie: een F1-wapen voor de weg
De Aston Martin Valkyrie is geen gewone hypercar. Het project begon al in 2016 als een unieke samenwerking tussen Aston Martin en Red Bull Racing, met Adrian Newey als het technische brein achter het aerodynamische concept. Het doel was om pure Formule 1-technologie naar de openbare weg te brengen, en het resultaat is een technologisch meesterwerk. De auto wordt aangedreven door een 6,5-liter atmosferische V12-motor die, in combinatie met een elektromotor, een duizelingwekkend vermogen van 1.155 pk produceert. Hiermee is het de krachtigste atmosferische motor die ooit voor een straatauto is gebouwd.
De exclusiviteit van de Valkyrie wordt onderstreept door de beperkte productie. In een periode van drie jaar zijn er slechts 275 exemplaren gebouwd, verdeeld over 150 standaardmodellen, 85 Spiders en 25 circuit-exclusieve AMR Pro-varianten. Met een prijskaartje van ongeveer 3,5 miljoen dollar is de Valkyrie een zeldzaam en kostbaar stuk techniek, ontworpen om de grenzen van prestaties te verleggen.
Bescheiden Le Mans-debuut in 2025
De raceversie van de Valkyrie is geen onbekende op het Circuit de la Sarthe. De hypercar maakte vorig jaar, in 2025, zijn debuut in de 24-uursrace. Het team zette twee auto’s in, de #009 en de #007, om de strijd aan te gaan in de topklasse. Hoewel beide wagens de zware race wisten te voltooien, was het resultaat bescheiden. Ze eindigden respectievelijk op de twaalfde en veertiende positie in het eindklassement. Deze eerste ervaring heeft het team van Aston Martin waardevolle data en inzichten opgeleverd, maar toont tegelijkertijd aan dat er nog werk aan de winkel is om de Valkyrie te transformeren in een machine die kan strijden voor de eindzege.
Button’s ruime ervaring op La Sarthe
Mocht Jenson Button daadwerkelijk achter het stuur van de Valkyrie kruipen, dan brengt hij een schat aan ervaring mee. De Britse coureur heeft al vier keer eerder deelgenomen aan de 24 uur van Le Mans, in diverse klassen en met verschillende teams. Zijn meest recente deelnames waren in 2024 en 2025 in de hypercar-klasse met Hertz Team Jota. In 2023 reed hij in de innovatieve klasse met het Hendricks Motorsport-project en zijn debuut maakte hij in 2018 in de toenmalige LMP1-categorie met SMP Racing. Zijn beste resultaat tot nu toe behaalde hij vorig jaar, toen hij als zevende over de streep kwam. Deze ervaring, gecombineerd met zijn Formule 1-wereldtitel, maakt hem een uiterst gekwalificeerde kandidaat om het Aston Martin-project naar een hoger niveau te tillen en de betrouwbaarheid en snelheid verder te ontwikkelen.
De uitgesproken wens van Button creëert een fascinerend vooruitzicht voor zowel Aston Martin als de endurance-racewereld. De combinatie van een voormalig wereldkampioen, een door een F1-legende ontworpen auto en de ambitie om Le Mans te winnen, is een krachtig signaal. Hoewel er nog geen concrete plannen zijn bevestigd, zet de publieke ambitie van Button de deur wijd open voor een toekomstige samenwerking die een nieuw, opwindend hoofdstuk kan toevoegen aan de toch al indrukwekkende carrière van de Brit.



