De Formule 1-kalender voor 2026 krijgt een onverwachte wending: de races in Bahrein en Saoedi-Arabië zijn geschrapt! Dit nieuws deed het aandeel van Liberty Media met zo’n zeven procent dalen, maar onthult vooral de indrukwekkende veerkracht van F1’s financiële model.
F1’s slimme inkomstenmodel
De F1 verliest niet zozeer races, maar twee organisatievergoedingen van lokale promotors. Omroepen en sponsors kopen immers geen losse evenementen, maar een heel seizoen aan entertainment en wereldwijde zichtbaarheid. Hun lucratieve contracten blijven onaangetast; het kampioenschap gaat onverminderd door. F1 heeft haar inkomstenstromen bewust geherstructureerd, waardoor de kalender slechts de manifestatie van het kampioenschap is, niet de financiële kern.
Voordeel voor teams onder budgetplafond
Voor de Formule 1-teams heeft het schrappen van deze races zelfs een positieve keerzijde. Onder het budgetplafond krimpt de toegestane uitgavenlimiet bij een kortere kalender. Tegelijkertijd vallen de extreem hoge logistieke kosten van deze verre, vroege races weg, zoals dure langeafstandsvracht. De ‘herstelde capaciteit’ betekent dat budgetten die anders naar transport zouden gaan, nu direct in prestatieverbeteringen geïnvesteerd kunnen worden. Dit komt vooral efficiënt werkende teams ten goede.
Deze ontwikkeling bevestigt dat het kampioenschap de ware financiële ruggengraat van de Formule 1 is. Terwijl promotors de directe kosten dragen, blijft de commerciële kern van de F1 ijzersterk en onverstoord.

