Kimi Antonelli heeft de vinger op de zere plek gelegd bij het anders zo dominante Mercedes. De Italiaanse coureur stelt dat zowel hijzelf als het team de race-starts moeten verbeteren, een zwakte die het team ondanks polepositions in de eerste drie races van 2026 parten speelt. Met de Grand Prix van Miami in het vooruitzicht is het oplossen van dit probleem een topprioriteit voor de renstal uit Brackley.
Dominantie op zaterdag, kwetsbaarheid op zondag
Mercedes heeft het seizoen 2026 met ongekende kracht geopend. De W17-bolide blijkt in de kwalificatie een klasse apart, wat resulteerde in front-row lockouts in Australië, China en Japan. Dit betekent dat in de eerste drie raceweekenden de volledige eerste startrij zilver kleurde, een droomscenario voor ieder team dat de toon wil zetten voor de race op zondag.
Deze droom verandert echter steevast in een strategische uitdaging zodra de lichten doven. In alle drie de Grands Prix verloor Mercedes de leiding op weg naar de eerste bocht. Hoewel het team de pure snelheid heeft om de verloren posities later in de race te heroveren, dwingt deze zwakte bij de start de coureurs tot onnodige inhaalmanoeuvres en extra bandenslijtage. Dit compliceert de racestrategie en geeft de concurrentie een kans die ze op basis van pure snelheid niet zouden moeten hebben.
Antonelli: ‘We worstelen meer dan verwacht’
Gevraagd door de media, waaronder RacingNews365, waar de W17 nog verbeterd kan worden, is Kimi Antonelli opvallend direct. “Ik denk dat onze auto erg goed is,” begint hij, om vervolgens de zwakke plek aan te stippen: “Maar zeker, misschien met de start.”
De coureur benadrukt dat dit geen individueel probleem is, maar een teamkwestie die beide kanten van de garage treft. “Samen hebben George [Russell] en ik er sinds het begin van het seizoen meer moeite mee dan we hadden verwacht,” erkent hij. Deze uitspraak duidt op een structureel patroon dat dieper ligt dan een incidentele fout. Het vraagt om een gezamenlijke oplossing vanuit de fabriek in Brackley en de coureurs zelf.
De pijnlijke start in Japan
Voor Antonelli zelf werd het probleem pijnlijk duidelijk tijdens de Grand Prix van Japan. Vanaf poleposition kwam hij dramatisch slecht van zijn plek, waardoor hij bij het ingaan van de eerste bocht al was teruggevallen naar de zesde positie. Een perfecte uitgangspositie werd in een fractie van een seconde omgezet in een zware inhaalrace.
De Italiaan is hard voor zichzelf en neemt de volledige verantwoordelijkheid voor het incident. “Dat was volledig mijn fout,” stelt hij onomwonden. Zonder in technische details te treden over wat er misging, is zijn zelfkritiek veelzeggend: “Ik kan niet zeggen wat, maar ik heb het behoorlijk verprut.” Deze eerlijkheid toont de frustratie binnen het team over het onbenutte potentieel bij de start van de race.
Concurrent McLaren als voorbeeld
In zijn zoektocht naar verbetering kijkt Antonelli ook naar de concurrentie. Hij wijst specifiek naar McLaren als een team dat de startprocedure beter onder de knie heeft. “De McLaren had een hele goede start, dus zij doen duidelijk iets beter,” analyseert hij. Hij erkent dat de input van de coureur hierbij ook een cruciale rol speelt. “In dit geval deed Oscar [Piastri] het veel beter dan ik.”
Deze opmerking suggereert dat Mercedes niet alleen de techniek van de koppeling en de software van de W17 onder de loep neemt, maar ook de procedures en de interactie tussen mens en machine om de perfecte start te vinden.
Focus op Miami om patroon te doorbreken
Met de Grand Prix van Miami voor de deur staat het verbeteren van de starts hoog op de agenda bij Mercedes. Het team weet dat het omzetten van kwalificatiedominantie in een directe raceleiding de sleutel is tot een minder gecompliceerde zondag. Een goede start zou hen in staat stellen de race vanaf de kop te controleren, de banden te managen en de strategie te dicteren, in plaats van te moeten reageren op de concurrentie.
Het is nu aan Antonelli, Russell en de ingenieurs in Brackley om dit hardnekkige patroon te doorbreken. Als ze de startproblemen kunnen oplossen, is er weinig dat de Zilverpijlen lijkt te kunnen stoppen in hun jacht op de wereldtitels van 2026.



