De top drie van de Grand Prix van Canada heeft na afloop van een spectaculaire race opnieuw kritiek geuit op de Formule 1-motoren van 2026. Zowel racewinnaar Andrea Kimi Antonelli als de als tweede gefinishte Lewis Hamilton spraken zich uit over de onnatuurlijke en soms frustrerende werking van de huidige generatie power units, ondanks dat de nieuwe chassisreglementen voor beter racen zorgen.
Hamilton: “Voelt niet zoals motorsport zou moeten zijn”
Lewis Hamilton, die als tweede over de streep kwam, was na de race in Montreal openhartig over zijn ongemak met de nieuwe motoren. Volgens de Brit voelt het besturen van de 2026-auto’s nog steeds niet als een tweede natuur. “Het blijft een vreemd gevoel geven”, aldus Hamilton. “Je gaat van je gas, activeert de ‘Straight Mode’, en halverwege het rechte stuk valt het vermogen weg en beginnen de toeren te dalen.”
Deze eigenschap staat in schril contrast met hoe motoren in het verleden presteerden, een punt dat Hamilton benadrukte. “Het voelt niet zoals motorsport zou moeten zijn. Een motor hoort tot het einde van het rechte stuk voluit te gaan en te blijven trekken. Dat is wat ze in de V8- of V10-tijdperken deden, ze bleven maar gaan.” Hij voegde eraan toe dat dit een compleet nieuw element aan het racen toevoegt dat voorheen niet bestond.
Chassis wel een stap vooruit
Waar de power units op kritiek kunnen rekenen, worden de chassisreglementen van 2026 juist positief ontvangen. De auto’s zijn smaller en lichter dan hun voorgangers. Daarnaast is het ontwerp van de vloer vereenvoudigd, wat resulteert in minder downforce. Deze combinatie van factoren lijkt zijn vruchten af te werpen op het circuit.
Hamilton prees dit aspect van de nieuwe regels uitvoerig. “Uiteindelijk denk ik dat de auto fundamenteel een beter ontwerp heeft, waardoor we kunnen racen, dichtbij kunnen komen en elkaar goed kunnen volgen”, legde hij uit. “Dat is het beste gedeelte ervan.” De enerverende race in Canada, met veel inhaalacties en gevechten, lijkt dit sentiment te bevestigen. De balans tussen een succesvol chassis en een controversiële motorformule blijft daarmee een centraal thema in het huidige Formule 1-seizoen.
Zelfs winnaar Antonelli erkent frustratie
Hoewel de Mercedes-motor wordt gezien als de maatstaf van het veld, deelde racewinnaar Andrea Kimi Antonelli een deel van de kritiek. De Italiaan had vanzelfsprekend weinig te klagen over de algehele prestaties van zijn power unit, maar erkende wel dat de manier waarop het vermogen wordt ingezet in racesituaties voor frustratie kan zorgen.
“Soms is het een beetje frustrerend hoe het systeem werkt”, gaf de winnaar toe. Zijn opmerking illustreert dat zelfs de coureur met het beste materiaal op de grid de eigenaardigheden van de 2026-motoren ervaart. Het duidt op een fundamentele onvrede onder de coureurs over de rijervaring, los van de pure snelheid en competitiviteit van hun pakket.
Een nieuwe, onnatuurlijke race-ervaring
De conclusie na de Grand Prix van Canada is tweeledig. Aan de ene kant hebben de nieuwe chassisregels de sport een dienst bewezen door close-racing te bevorderen. Aan de andere kant blijft de kern van de auto – de power unit – een bron van ontevredenheid voor de coureurs die er het maximale uit moeten halen. De onnatuurlijke vermogensafgifte, waarbij motoren halverwege een recht stuk lijken in te houden, druist in tegen het instinct van de coureurs en de traditionele essentie van autosport. Hoewel het voor spektakel op de baan zorgt, is de fundamentele rijervaring voor de hoofdrolspelers een compromis dat voorlopig voor discussie zal blijven zorgen.



