Vandaag, precies negentien jaar geleden, schreef een jonge Lewis Hamilton Formule 1-geschiedenis op het Circuit de Catalunya. Op 13 mei 2007 werd de Brit na de Grand Prix van Spanje de jongste coureur ooit die de leiding nam in het wereldkampioenschap. Met zijn tweede plaats achter Ferrari-coureur Felipe Massa vestigde de toenmalige McLaren-rookie een mijlpaal die de toon zette voor een van de meest spectaculaire seizoenen uit de moderne F1-historie.
Een 47 jaar oud record verbroken
Met zijn prestatie in Barcelona verbrak Hamilton een record dat al 47 jaar in de boeken stond. De legendarische Bruce McLaren was sinds 1960 de jongste kampioenschapsleider, een prestatie die hij op 22-jarige leeftijd, 5 maanden en 8 dagen behaalde. Hamilton, destijds slechts 22 jaar, 4 maanden en 6 dagen oud, was een maand jonger en etste zijn naam in de recordboeken. Het was een veelzeggend moment dat de buitengewone entree van de Brit in de koningsklasse van de autosport onderstreepte. Zijn tweede plek in de race, achter de dominante Massa, was voldoende om de koppositie in het klassement over te nemen en de Formule 1-wereld definitief wakker te schudden.
Vliegende start voor de debutant
De prestatie in Spanje was geen opzichzelfstaand incident, maar de bekroning van een sensationele seizoensstart. Hamilton maakte in 2007 zijn debuut voor McLaren en liet vanaf de eerste race in Melbourne zien dat hij geen gewone rookie was. Hij finishte in Australië direct als derde, terwijl Kimi Räikkönen de overwinning pakte voor Ferrari. Wat volgde was een indrukwekkende reeks van consistentie die zelden is vertoond door een nieuwkomer. Zowel in Maleisië als in Bahrein eindigde Hamilton als tweede. Zijn podiumplaats in Spanje was zijn vierde op rij, een prestatie die hem 30 van de maximaal 40 haalbare punten opleverde. Deze onophoudelijke stroom van topprestaties was de sleutel tot zijn vroege kampioenschapsleiding.
Spanningen bij McLaren lopen op
Hamiltons succes had direct gevolgen binnen het team van McLaren. Hij nam de leiding in het kampioenschap namelijk over van niemand minder dan zijn teamgenoot, de regerend tweevoudig wereldkampioen Fernando Alonso. De Spanjaard, die met veel bombarie was binnengehaald bij het Britse team, zag zich plotseling overvleugeld door zijn onervaren collega. In de Spaanse Grand Prix speelde Alonso zelf een rol in dit machtsvertoon; een kostbare excursie naast de baan in de eerste bocht, in een poging Massa in te halen, wierp hem terug. Hierdoor keek de Spanjaard na vier races tegen een achterstand van twee punten aan op Hamilton. De bron van een van de meest explosieve teamdynamieken in de F1-geschiedenis was hiermee aangeboord. De relatie tussen de twee coureurs zou in de loop van het seizoen alleen maar ijziger worden.
Voetnoot in een dramatisch seizoen
Hoewel 13 mei 2007 een historische dag was voor Lewis Hamilton, zou zijn record uiteindelijk een voetnoot blijken in een seizoen dat bol stond van drama, controverse en een onvergetelijke ontknoping. De vroege leiding in het kampioenschap was een voorbode van een intense titelstrijd die tot de allerlaatste race zou duren. Ondanks zijn briljante debuutjaar, waarin hij tot het einde meevocht voor de kroon, greep Hamilton nipt naast de wereldtitel. Het was Kimi Räikkönen die er in de slotfase van het seizoen met het kampioenschap vandoor ging. Desondanks markeerde de prestatie in Spanje negentien jaar geleden de definitieve aankondiging van een toekomstig wereldkampioen die de sport voorgoed zou veranderen.



